Vier Irissen van SVRZ

Antia Geensen, Mariangela Marini, Jasmijn van Jole, Leunis Lensen (van li naar re) Medewerkers SVRZ

Overal bij SVRZ zijn Irissen. En iedereen kan er één zijn, of worden. Op deze pagina’s vertellen vier Irissen wat hen inspireert in hun werk. Wat maakt van hen een Iris? En waar raakt hun werk de kernwaarden van SVRZ: vrijheid, gelijkwaardigheid, nabijheid en verantwoordelijkheid.

(Een Iris is een medewerker zoals SVRZ en de clienten van SVRZ graag zien).

Iris: Leunis Lensen - kok

“Een gevoel van vrijheid heeft ook met lekker eten te maken!”

Leunis Lensen is voor SVRZ al tientallen jaren betrokken bij alles wat met maaltijden te maken heeft. ‘Héél vroeger moesten bewoners van een zorginstelling eten wat de pot schafte. Daarna kwamen er keuzemenu’s. En nu is het allemaal nog veel uitgebreider. Hier in De Vurssche zijn we pas begonnen met ‘front cooking’: we bereiden de maaltijden terwijl de gasten toekijken, op de wok of grillplaat. Erg leuk voor hen en ook voor ons.”

 

Vrijheid voor onze cliënten betekent ook dat ze ’s avonds nog een lekker snackje kunnen halen, gewoon voor de lekkere trek. net als vroeger. Of hun familie kan gewoon blijven mee-eten, gezellig met zijn allen in het restaurant. SVRZ biedt mij ook de vrijheid om dat mogelijk te maken, zodat ik ook een Iris kán zijn.”

 

“Ik word er blij van als ik tevreden mensen zie, tijdens en na het eten. Of als ik even een luisterend oor kan zijn aan tafel. Eten is een sociaal gebeuren, voor velen het enige moment van de dag dat ze andere mensen zien, naast de verzorgenden. Laat dat dan een smakelijke maaltijd zijn, optimaal op maat voor hen, waar ze iedere dag naar uitkijken. Dat stukje comfort en vrijheid bieden, ervoor zorgen dat ze kunnen genieten, dat is mijn drijfveer, daar doe ik het voor.”

 

Iris: Anita Geensen – medewerker Welzijn

“Gelijkwaardigheid? Ga mentaal op ooghoogte staan. Zodat je een cliënt écht begrijpt  ”

Anita Geensen maakt deel uit van Team Welzijn in Ter Schorre.

 “Wij verzorgen de dagbesteding voor onder andere cliënten met dementie. Dat doen we in ‘verenigingen’, met muziek, koken, schilderen enzovoorts. Die verenigingen horen bij het kleinschalig wonen en bepalen zo deels de dagstructuur van cliënten. Je ziet aan hun gedrag dat die sociale contacten en het bezig zijn, hun welbevinden vergroot.”

 

“Ik leid vijf verenigingen. Daarbij word ik ondersteund door vrijwilligers. Zo’n vereniging is een goed instrument, maar hóe we het invullen ligt aan ons. De manier waarop we met zijn allen met de cliënten omgaan, daar gaat het om. Dat maakt een Iris van ons. Op basis van gelijkwaardigheid - beseffen dat ieder mens een eigen leven en levensstijl had. Met altijd een scherp oog voor hun mogelijkheden én hun kwetsbaarheid. In ons werk is het van belang aansluiting te vinden bij de beleving van de cliënt. Dat doen we door constant te kijken, te luisteren en te volgen.”

 

“Ik hou van mijn werk. En van mensen. Het fundament voor mijn manier van werken en leven is mijn geloof. Laat me daarbij ook inspireren door de cliënten zelf, mijn collega’s, de vrijwilligers, door bijscholing en verdere ontwikkeling. Iedere dag kan je iets leren!”

 

Iris: Jasmijn van Jole – ThuisZorg verpleegkundige

“Nabij zijn, ook fysiek. Gewoon even een aanraking. Dat doet mensen zó goed.”

Jasmijn van Jole, ThuisZorg verpleegkundige: ‘Nabijheid in je werk, dat betekent dat je je écht inleeft in de wereld van je cliënt. Tijd voor hen neemt om erachter te komen wat ze fijn vinden, wat hen goed doet. Waarom ze vasthouden aan bepaalde gewoontes, die misschien voor ons verzorgenden vreemd overkomen. Stukje bij beetje proberen we het levensverhaal van onze cliënten in kaart te brengen. Zo worden we zelf ook een beetje familie. Als Iris sta staat heel dicht naast je cliënt, als steun en toeverlaat.”

 

“Als je iemand goed kent, voel je dat er iets mis is, ook al zeggen ze van niet. Ik vind observeren heel belangrijk. Bewust en onbewust. Soms heb je dat ‘niet pluis’ gevoel. Onrust bij een cliënt waar je je vinger niet op kan leggen. Ik neem altijd het zekere voor het onzekere, ga dan op mijn instinct af. We bellen de familie of direct een arts. En het kan gaan om de cliënt zelf, maar soms is er ook een overbelaste mantelzorger, die aan het eind van zijn latijn is.”

 

Wat mij drijft? Ach, ik wilde al ‘zuster’ worden toen ik dertien was. Ik vind het zó mooi voor ‘mijn’ cliënten te zorgen, een band te krijgen. En ik raak ze ook graag even aan, dat zit gewoon in me. Gewoon even een hand op de schouder. Of even tijd nemen om iemands rug eens lekker in te smeren bijvoorbeeld. Dat doet mensen zó goed.”

 

Iris: Mariangela Marini – medewerker Wonen

“Verantwoordelijkheid? Er iedere dag heel goed voor zorgen dat alles perfect in orde is voor hen. Dat geeft hen rust.” 

Mariangela Marini is medewerker wonen in De Molenhof. Ze is verantwoordelijk voor huishoudelijke taken in een gekoppelde groepswoning van in totaal twaalf dementerende mensen.

 

“Iedere cliënt heeft een eigen appartement maar er is ook een gezamenlijke woonkamer en keuken. We doen zelf boodschappen, koken zelf. Ik zorg ervoor dat de boel netjes blijft, draai de wasjes, vouw alles netjes op. De mensen zijn aan mij gewend, houden van de structuur, de aanwezigheid van een vertrouwd persoon. Met zijn allen, de cliënten, de verzorgenden en de andere teamleden zoals ik, vormen we een soort gezinnetje. Ik ben samen met de andere teamleden echt verantwoordelijk voor het welzijn van de bewoners, voor de structuur die ik bied. Zo zie ik het, zo voelt het. Ik heb vroeger heel ander werk gedaan; administratief en zelfs een eigen winkeltje. Wat ik nu doe, meehelpen deze mensen een prettige dag te bezorgen, vind ik het allerleukst. Ik geef echt om de bewoners en probeer die warmte ook naar hen uit te stralen. Hoewel ze soms ineens niet meer weten wie ik ben, geniet ik ervan als ik zie dat ze zich in deze laatste levensfase prettig en veilig voelen. Dan weet ik waar ik het voor doe, samen met het hele team.”

 

 

 

 

 

 

 

 

Suggesties?