Iedereen is welkom bij Máxima

Eduard Schoenmaker Cliënt Maxima

Eigenlijk zou hij helemaal op zichzelf willen wonen. In Hoek, in z’n vertrouwde huisje. Maar dat zit er niet in. Een hersen­bloeding gooit roet in het eten. Alweer vijf jaar geleden gebeurt dat. Beetje bij beetje is Eduard Schoenmaker opgekrabbeld. Sinds kort woont hij in het Máxima-complex in Terneuzen. Een passend alternatief.

‘Het liefst ga ik erop uit. Als het maar niet regent. Want dat is me te koud en dan slippen de wielen van mijn scootmobiel weg. Graag ga ik de dijk op, naar de oceaanreuzen kijken die de rivier opvaren, met mensen praten. Och, je houdt er geen diepgaan­de beschouwingen over het leven, maar je hebt aanspraak. Soms vluchtig, als eendagsvlin­ders. Soms vertrouwd, als goede buren.’

Buurt is welkom

Marian van de Velde is teamlei­der bij Máxima van SVRZ. Ze is enthousiast. ‘Het wonen op deze plek aan de Westerschelde is bijzonder. Het is méér dan een rivier. Ze is veel Zeeuwen aan het hart gebakken. Bovendien is ze als een levend schilderij, waar je nooit op uitgekeken raakt. Maar als de ouderdom komt of het le­ven lichamelijk even tegenzit, wil je toch bij de samenleving blijven horen. Daarom organiseren we van alles waarbij we ook men­sen van buiten SVRZ betrekken. Denk aan: andere bewoners van het complex, mensen uit de buurt, familieleden of bekenden. Ze zijn welkom als deelnemer of vrijwilliger. Onze deur staat open.’

Zorg en ontspanning

Máxima herbergt zestig apparte­menten, koop en huur. Daarnaast heeft SVRZ er een stevige thuis- en uitvalsbasis. Twee dozijn appartementen voor mensen met een lichamelijke beperking. Vier groepswoningen met elk zes ka­mers voor mensen met dementie. Een team ZorgThuis, voor de klok rond. En een groeiend aanbod aan voorzieningen voor zorg, ontspanning en ontmoeting: fysiotherapie, prikpoli, creatieve vereniging, kookclub, muziekpro­gramma, zitdansen, koffie-uurtje en natuurlijk het populaire bingo.

Contact is belangrijk

SVRZ-bewoner Eduard Schoenmaker: ‘Ik ben maar eens gaan kijken bij het schilderen. Het viel wel tegen: pijn in de pols en weinig controle over m’n hand. Maar ik ben een doorzet­ter, altijd al geweest. Leuk dat er ook kinderen aan het knutselen waren. Zelf heb ik er geen, maar ik geniet van het contact met de kinderen van mijn vrienden. Voor zo’n stuk of dertig van hen ben ik een soort oom.’

 

Teamleider Marian van de Velde: ‘Ouderen moet je niet op een zijspoor zetten of op­bergen achter de geraniums. Ze blijven erbij horen. Hier in Máxima laten we dat blijken. De buurt en de buren spelen daarbij een onmisbare rol.’

Suggesties?